Citaat | Hoge Raad 15 april 2016

Onder 3.5.4 Hoge Raad 15 april 2016

Een alinea uit Hoge Raad 15 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:665.

Deze klacht mist feitelijke grondslag. Rov. 3.9 van het hof heeft geen betrekking op een samenloop van boedelvorderingen. Voor zover de klacht is gericht tegen het oordeel van het hof in rov. 3.11 dat de curator zich niet op de executieopbrengst kan verhalen voor zijn salaris, kan zij evenmin tot cassatie leiden. Heineken heeft immers die executieopbrengst verkregen door gebruikmaking van haar recht van parate executie. Zij kon dat recht uitoefenen alsof er geen faillissement was (art. 57 lid 1 Fw), en in zodanig geval wordt de pandhouder niet betrokken in de omslag van de algemene faillissementskosten (art. 182 lid 1 Fw).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/048cedd88ec5e7daa4ff39ee82e5d4f2622b7fe6476ddf4a0a345e09abc2a585. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 048cedd88ec5e7daa4ff39ee82e5d4f2622b7fe6476ddf4a0a345e09abc2a585, en de alinea staat in dat document op bytes 23307 tot 23950.