Citaat | Hoge Raad 19 april 2016
Onder 2.3.2. Hoge Raad 19 april 2016
Een alinea uit Hoge Raad 19 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:680.
"Cliënt heeft vrijwel direct bij de politie aangegeven dat [betrokkene] de spullen in de auto had gelegd op het moment dat hij hem ophaalde. [betrokkene] had de jas aan en vroeg cliënt om zijn stoel naar voren te zetten, zodat hij de jas in de auto kon leggen (p. 75).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/895ca7886d4c814fb2484a5ee17dbcc48af6cb0e7894c78a45348253bee94f35. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 895ca7886d4c814fb2484a5ee17dbcc48af6cb0e7894c78a45348253bee94f35, en de alinea staat in dat document op bytes 15263 tot 15546.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/895ca7886d4c814fb2484a5ee17dbcc48af6cb0e7894c78a45348253bee94f35 | shasum -a 256