Citaat | Hoge Raad 5 januari 2016
Onder 3.3. Hoge Raad 5 januari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:7.
"Hij die, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen, hetzij door het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, hetzij door listige kunstgrepen, hetzij door een samenweefsel van verdichtsels, iemand beweegt tot de afgifte van enig goed, tot het verlenen van een dienst, tot het ter beschikking stellen van gegevens, tot het aangaan van een schuld of tot het teniet doen van een inschuld, wordt, als schuldig aan oplichting, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vijfde categorie."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6b700006100e4d84cf39eb4b4e9f27b87fdfd7f85f0bd3ece48581d2ad360bec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6b700006100e4d84cf39eb4b4e9f27b87fdfd7f85f0bd3ece48581d2ad360bec, en de alinea staat in dat document op bytes 22206 tot 22779.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6b700006100e4d84cf39eb4b4e9f27b87fdfd7f85f0bd3ece48581d2ad360bec | shasum -a 256