Citaat | Hoge Raad 22 april 2016

Onder 3.2.1 Hoge Raad 22 april 2016

Een alinea uit Hoge Raad 22 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:721.

Nadat [betrokkene 1] hangende het geding was overleden en [verweersters] bij exploot [eiseres] hadden aangezegd dat de procedure als gevolg van dat overlijden was geschorst en zij die in de stand waarin deze zich bevond, wilden voortzetten, heeft de rechtbank geoordeeld dat, bij gebreke van instemming van [eiseres] als mede-erfgename met de schorsing en hervatting, het geding nimmer geschorst is geweest en (dus) is voortgezet ten name van de erflater. De rechtbank heeft vervolgens de vordering in conventie deels toegewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44d22aa41931b48612c690b451d10c9e49bb2dd8dbbdebd0b9ad5b5cde895699. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44d22aa41931b48612c690b451d10c9e49bb2dd8dbbdebd0b9ad5b5cde895699, en de alinea staat in dat document op bytes 8293 tot 8835.