Citaat | Hoge Raad 26 april 2016

Onder 2.2. Hoge Raad 26 april 2016

Een alinea uit Hoge Raad 26 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:742.

De politie controleerde de naleving van de gedoogvoorwaarden. In de eerste jaren gebeurde dat niet frequent, vanaf eind 2003 werd dat drie tot vier maal per jaar. Daarbij werden ter controle van de handelsvoorraad slechts de door de gedoogverklaring bestreken ruimten onderzocht. Op uitdrukkelijke instructie van de gemeente, in het bijzonder van de beleidsambtenaar [betrokkene 12] , werd bij deze controle voornoemde kantoorruimte buiten beschouwing gelaten. [betrokkene 13] heeft hieromtrent verklaard dat dit gebeurde omdat die ruimte niet voorkwam op de plattegrond die hem door [betrokkene 12] was verstrekt en evenmin in de gedoogverklaring. Voorts was het praktijk dat bij de weging van de handelsvoorraad de softdrugs in de vitrinekast buiten beschouwing werd gelaten en dat voortgedraaide joints voor een gedeelte van hun totale gewicht werden meegeteld. Tijdens deze reguliere controles werd nooit een overtreding van de maximale handelshoeveelheid geconstateerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b01f9938599f8b6e96446449516ea099624ae5583402e4d9083f1c06c71b02e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b01f9938599f8b6e96446449516ea099624ae5583402e4d9083f1c06c71b02e, en de alinea staat in dat document op bytes 28669 tot 29656.