Citaat | Hoge Raad 26 april 2016
Onder 2.2. Hoge Raad 26 april 2016
Een alinea uit Hoge Raad 26 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:742.
Voorts heeft de verdediging met betrekking tot de vaststelling door de rechtbank dat er over de periode van 15 oktober 2006 tot 1 juni 2007 structureel meer dan 500 gram softdrugs op het verkoopoppervlak aanwezig zou zijn geweest aangevoerd dat de basis voor deze vaststelling, namelijk de inbeslaggenomen administratie, daarvoor ondeugdelijk is nu deze administratie geen registratie is van op enig moment aanwezige hoeveelheden softdrugs op de werkvloer, maar registratie van de aanvoer naar de werkvloer. Het heeft daartoe verwezen naar de uitvoerige notitie daaromtrent van de (mede)verdachte Van Houcke, die ter terechtzitting in hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag is overgelegd. Van Houcke heeft deze notitie ter terechtzitting in hoger beroep bij dat hof nader toegelicht. Ter terechtzitting in hoger beroep bij dit hof heeft de verdediging die toelichting herhaald. Het openbaar ministerie heeft hetgeen in deze notitie is gesteld niet weersproken of weerlegd en hieromtrent ook overigens niets aangevoerd, zodat de vaststelling van de rechtbank niet in stand kan blijven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b01f9938599f8b6e96446449516ea099624ae5583402e4d9083f1c06c71b02e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b01f9938599f8b6e96446449516ea099624ae5583402e4d9083f1c06c71b02e, en de alinea staat in dat document op bytes 51172 tot 52272.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b01f9938599f8b6e96446449516ea099624ae5583402e4d9083f1c06c71b02e | shasum -a 256