Citaat | Hoge Raad 26 april 2016
Onder 2.2. Hoge Raad 26 april 2016
Een alinea uit Hoge Raad 26 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:742.
Door [verdachte] is voorts aangegeven dat hij na de inval van 1 juni 2007 en nadat op 4 juni 2007 de tegen hem bevolen voorlopige hechtenis was geschorst een wijziging heeft aangebracht in de inrichting van de ruimte waarin de coffeeshop was gevestigd. De kantoorruimte werd verkleind en aldus zodanig afgesloten dat deze niet meer in verbinding met de werkvloer stond, maar slechts buitenlangs bereikbaar was. Het hof begrijpt hieruit dat [verdachte] buiten twijfel trachtte te stellen dat deze kantoorruimte niet gerekend diende te worden tot de coffeeshop en dat de hoeveelheid soft drugs die zich daar bevond niet moest worden beschouwd als een zich in de inrichting bevindende handelsvoorraad. Kennelijk beoogde hij aldus zijn bedrijfsvoering aan te passen aan de gedoogvoorwaarden zoals die naar zijn inzicht inmiddels door de gemeente en (gelet op de inval vooral) het openbaar ministerie werden geïnterpreteerd, inhoudend dat de kantoorruimte, indien deze in verbinding met de coffeeshop zou staan, als deel van de inrichting waarop de gedoogverklaring betrekking had viel aan te merken. [verdachte] heeft getracht hieromtrent bij de bevoegde autoriteiten meer duidelijkheid te verkrijgen, maar die werd hem niet gegeven. Hij was dientengevolge aangewezen op zichzelf en zijn juridisch adviseurs.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b01f9938599f8b6e96446449516ea099624ae5583402e4d9083f1c06c71b02e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b01f9938599f8b6e96446449516ea099624ae5583402e4d9083f1c06c71b02e, en de alinea staat in dat document op bytes 55907 tot 57225.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b01f9938599f8b6e96446449516ea099624ae5583402e4d9083f1c06c71b02e | shasum -a 256