Citaat | Hoge Raad 29 april 2016

Onder 3.4.3 Hoge Raad 29 april 2016

Een alinea uit Hoge Raad 29 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:759.

De curator is gehouden de bij hem ingediende vorderingen te onderzoeken (art. 111 Fw), waarna hij de door hem goedgekeurde vorderingen op een lijst van voorlopig erkende vorderingen plaatst (art. 112 Fw). Vervolgens vindt een verificatievergadering plaats, onder leiding van de rechter-commissaris. De gefailleerde woont de verificatievergadering in persoon bij (art. 116 Fw). De vorderingen die tijdens de verificatievergadering niet worden betwist, worden overgebracht op een in het proces-verbaal op te nemen lijst van erkende schuldeisers (art. 121 lid 1 Fw). Het proces-verbaal van de verificatievergadering wordt ondertekend door de rechter-commissaris en de griffier (art. 121 lid 3 Fw). De in het proces-verbaal opgetekende erkenning van een vordering heeft in het faillissement kracht van gewijsde (art. 121 lid 4 Fw).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6ab449b3e86e53df85dadcdd8cd3f73da18a7d9fc820b992fdea94dce10a5e82. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6ab449b3e86e53df85dadcdd8cd3f73da18a7d9fc820b992fdea94dce10a5e82, en de alinea staat in dat document op bytes 23924 tot 24764.