Citaat | Hoge Raad 29 april 2016

Onder 5.1.6 Hoge Raad 29 april 2016

Een alinea uit Hoge Raad 29 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:769.

Vooropgesteld wordt dat het bij de onderhavige wijzigingsbevoegdheid niet om een beding gaat dat op grond van de art. 6:236 en 237 BW als onredelijk bezwarend wordt aangemerkt of wordt vermoed dat te zijn. Een beding dat (uitsluitend) voorkomt op de indicatieve lijst bij Richtlijn 93/13/EEG , behoeft niet noodzakelijkerwijs als oneerlijk te worden beschouwd. Met betrekking tot een dergelijk beding dient te worden nagegaan of hetin de context die aan de orde is, een aanzienlijke en ongerechtvaardigde verstoring oplevert van het evenwicht in de zin van art. 3 lid 1 Richtlijn 93/13/EEG. Het oordeel dat dit het geval is, behoeft een specifieke motivering waarin wordt ingegaan op de relevante omstandigheden van het geval. (vgl. onder meer HR 21 september 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW6135, NJ 2013/431 ( [I/J] ), rov. 3.4 en 3.5)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/247f5770fa2987d9d3ee28ebf016b14c52b478900482338a2f22995a31f8bfe8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 247f5770fa2987d9d3ee28ebf016b14c52b478900482338a2f22995a31f8bfe8, en de alinea staat in dat document op bytes 29872 tot 30761.