Citaat | Hoge Raad 13 mei 2016
Onder 2.4.4. Hoge Raad 13 mei 2016
Een alinea uit Hoge Raad 13 mei 2016, ECLI:NL:HR:2016:832.
Het hiervoor in 2.4.3 overwogene betekent dat artikel 13a, lid 3, van de Wet buiten toepassing moet blijven indien en voor zover de toepassing ervan leidt tot een heffing die hoger is dan het bedrag aan bpm dat is begrepen in de waarde van vergelijkbare bestelauto’s die zich op het moment van het verschuldigd worden van de belasting in het binnenland bevinden. Een belastingplichtige kan daarom zowel in het aangiftebiljet van de in die bepaling vermelde aangifte als tijdens de bezwaar- of (hoger)beroepsprocedure tegen een hem opgelegde naheffingsaanslag ervoor kiezen het verschuldigde bedrag aan bpm te (doen) berekenen naar de werkelijke waarde van de bestelauto op het moment waarop niet langer aan de vrijstellingsvoorwaarden wordt voldaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8ac5b0cf2125590a550d76848433f9d15ba2ca96845ea60026ddb16f52937f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8ac5b0cf2125590a550d76848433f9d15ba2ca96845ea60026ddb16f52937f8, en de alinea staat in dat document op bytes 19276 tot 20040.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b8ac5b0cf2125590a550d76848433f9d15ba2ca96845ea60026ddb16f52937f8 | shasum -a 256