Citaat | Hoge Raad 5 januari 2016

Onder 2.2.3. Hoge Raad 5 januari 2016

Een alinea uit Hoge Raad 5 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:9.

Evenals de rechtbank is het hof van oordeel dat aannemelijk is dat de hiervoor omschreven gang van zaken bij de aanhouding van verdachte (het toegepaste buitensporige geweld en het daardoor ontstane letsel) bij hem een dusdanige psychische toestand heeft teweeg gebracht dat hij daarna (in de politieauto, ten tijde van de door hem geuite bedreigingen) onderhevig is geweest aan een drang waaraan hij redelijkerwijs geen weerstand kon bieden. Weliswaar zat verdachte op het moment dat hij verbalisant [betrokkene 1] bedreigde al in de politieauto, maar hij was wel dusdanig onder de indruk van hetgeen daar direct aan vooraf was gegaan dat hij in zijn emotie niet meer in staat was de ene agent (die betrokken was bij de aanhouding) te onderscheiden van de andere (die hem de gordel om deed). Uit het proces-verbaal blijkt ook dat verdachte in de veronderstelling verkeerde dat de verbalisant tegen wie hij bedreigingen uitte, de verbalisant was die even daarvoor fors geweld tegen hem had gebruikt. De uitingen van verdachte hielden derhalve ook naar het oordeel van het hof duidelijk verband met het tegen verdachte gebruikte geweld. Het beroep op psychische overmacht slaagt."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6986468b045009833366f0006403da6b2d6788a5c22ac5bc3160a44379169a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6986468b045009833366f0006403da6b2d6788a5c22ac5bc3160a44379169a5, en de alinea staat in dat document op bytes 21102 tot 22294.