Citaat | Hoge Raad 5 januari 2016
Onder 2.4.2. Hoge Raad 5 januari 2016
Een alinea uit Hoge Raad 5 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:9.
Het Hof heeft geoordeeld dat aldus een ernstige inbreuk is gemaakt op beginselen van een behoorlijke procesorde en heeft vervolgens de vraag onder ogen gezien of daardoor doelbewust of met grove veronachtzaming van de belangen van de verdachte is tekortgedaan aan diens recht op een eerlijke behandeling van zijn zaak. Het Hof heeft - uiteindelijk - geoordeeld dat dit niet het geval is en heeft daarbij in aanmerking genomen dat controle achteraf op het handelen van de (aanhoudende en relaterende) verbalisanten mogelijk is geweest omdat zowel de camerabeelden als de verklaring van de betrokken GGD-arts aan het dossier zijn toegevoegd, zodat de geconstateerd verzuimen in zoverre zijn hersteld, en dat daarom onvoldoende grond bestaat voor de niet-ontvankelijkverklaring van het Openbaar Ministerie in de vervolging.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6986468b045009833366f0006403da6b2d6788a5c22ac5bc3160a44379169a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6986468b045009833366f0006403da6b2d6788a5c22ac5bc3160a44379169a5, en de alinea staat in dat document op bytes 23775 tot 24608.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b6986468b045009833366f0006403da6b2d6788a5c22ac5bc3160a44379169a5 | shasum -a 256