Citaat | Hoge Raad 22 januari 2016

Onder 3.2 Hoge Raad 22 januari 2016

Een alinea uit Hoge Raad 22 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:99.

De vordering ziet op het afleggen van rekening en verantwoording bij de overdracht van het boedeldossier aan [verweerder 2] . [eisers] hebben daaraan ten grondslag gelegd dat, gelet op de opdracht aan notaris [betrokkene 2] in het testament en codicil, hier niet de regeling van de executele van toepassing is, maar die van bewind, en dat [verweerster 1] executeur-testamentair is in de nalatenschap van haar echtgenoot. [eisers] lichten echter niet toe op grond waarvan daarmee sprake is van een verplichting voor [verweerster 1] tot het afleggen van rekening en verantwoording van het beheer over de nalatenschap door notaris [betrokkene 2] . Het hof vermag dat ook niet in te zien. Gesteld noch gebleken is dat [verweerster 1] enige relevante bemoeienis met de nalatenschap (van [betrokkene 1] ) heeft gehad, anders dan dat zij het boedeldossier korte tijd onder zich heeft gehad en naar [verweerder 2] heeft gebracht. Daarop kan echter geen verplichting worden gebaseerd van [verweerster 1] jegens [eisers] tot het afleggen van rekening en verantwoording zoals gevorderd. Ook uit de enkele hoedanigheid van erfgenaam en executeur-testamentair van notaris [betrokkene 2] vloeit een dergelijke verplichting niet voort. (rov. 3.7)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0f68eb7dfe646366c489a8ea9f4e295ac0610fe7b1e400ab1d439176ca24db2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0f68eb7dfe646366c489a8ea9f4e295ac0610fe7b1e400ab1d439176ca24db2, en de alinea staat in dat document op bytes 8787 tot 10031.