Citaat | Hoge Raad 27 mei 2016
Onder 3.4.1 Hoge Raad 27 mei 2016
Een alinea uit Hoge Raad 27 mei 2016, ECLI:NL:HR:2016:994.
39 Gelet op het bovenstaande moet op de prejudiciële vragen worden geantwoord dat artikel 107, lid 1, VWEU aldus moet worden uitgelegd dat, om te bepalen of door een openbaar bedrijf verleende garanties toerekenbaar zijn aan de overheidsinstantie die dat bedrijf controleert, naast het samenstel van aanwijzingen die blijken uit de omstandigheden van het hoofdgeding en de context waarin die garanties zijn verleend, relevant is dat de enige bestuurder van dat bedrijf, die deze garanties heeft verleend, onwettig heeft gehandeld, het verlenen ervan bewust geheim heeft gehouden en de statuten van zijn bedrijf heeft genegeerd en voorts dat die overheidsinstantie zich tegen het verlenen van die garanties zou hebben verzet indien zij daarvan in kennis was gesteld. Die omstandigheden op zich kunnen in een situatie als in het hoofdgeding een dergelijke toerekenbaarheid echter niet uitsluiten.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f6594da94fb1376cb84e06e3dfa5156ae5a1f904567ae5e8337b46397e693f95. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f6594da94fb1376cb84e06e3dfa5156ae5a1f904567ae5e8337b46397e693f95, en de alinea staat in dat document op bytes 17131 tot 18042.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f6594da94fb1376cb84e06e3dfa5156ae5a1f904567ae5e8337b46397e693f95 | shasum -a 256