Citaat | Hoge Raad 27 mei 2016

Onder 3.2.1 Hoge Raad 27 mei 2016

Een alinea uit Hoge Raad 27 mei 2016, ECLI:NL:HR:2016:996.

In dit geding vordert [verweerster] , samengevat, veroordeling van [eiseres] tot betaling van een bedrag € 8.781,-- in hoofdsom, bestaande uit de achterstallige leasetermijnen tot aan de datum van ontbinding en de na die datum verschuldigde termijnen. [verweerster] legt aan haar vordering ten grondslag dat tussen haar en [eiseres] een schriftelijke leaseovereenkomst is gesloten waarin [eiseres] (toerekenbaar) is tekortgeschoten en die door [verweerster] is ontbonden. De vordering met betrekking tot de na de datum van ontbinding verschuldigde leasetermijnen is primair gebaseerd op een daartoe strekkend beding in de algemene voorwaarden, en subsidiair op ongerechtvaardigde verrijking.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/796b32cedcfc148fc200a4250626b491518afeda38dd15f46941bd195252d66c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 796b32cedcfc148fc200a4250626b491518afeda38dd15f46941bd195252d66c, en de alinea staat in dat document op bytes 16887 tot 17594.