Citaat | Hoge Raad 6 juni 2017
Onder 2.1. Hoge Raad 6 juni 2017
Een alinea uit Hoge Raad 6 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1018.
In het kader van de strafzaak tegen [medeklager], betrekking hebbend op een gerezen verdenking van het plegen van valsheid in geschrift, heeft op 21 januari 2014 een doorzoeking plaatsgevonden in de woning van [medeklager], gelegen aan de [a-straat 1] te Eindhoven. Hierbij zijn papieren bescheiden en digitale bestanden in beslag genomen. De aangetroffen papieren geheimhouderstukken zijn op 23 januari 2014 - zonder inhoudelijke kennisname door politie of justitie - aan de rechter-commissaris verstrekt. Daarnaast is op de computer van [medeklager] één geheimhouderstuk aangetroffen dat op 2 april 2014 - zonder inhoudelijke kennisname door politie of justitie - aan de rechter-commissaris is verstrekt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/704bbdca713ff97e03725f398c91fa57bb2776325fc9e5f80d7a1ad3a20e598f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 704bbdca713ff97e03725f398c91fa57bb2776325fc9e5f80d7a1ad3a20e598f, en de alinea staat in dat document op bytes 6883 tot 7604.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/704bbdca713ff97e03725f398c91fa57bb2776325fc9e5f80d7a1ad3a20e598f | shasum -a 256