Citaat | Hoge Raad 6 juni 2017
Onder 4.2. Hoge Raad 6 juni 2017
Een alinea uit Hoge Raad 6 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1018.
Ingevolge art. 98 Sv mogen bij personen met een bevoegdheid tot verschoning als bedoeld in art. 218 Sv zonder hun toestemming brieven of andere geschriften tot welke hun plicht tot geheimhouding zich uitstrekt, niet in beslag worden genomen. Wel mogen, zoals volgt uit art. 98, vijfde lid, Sv, ook zonder hun toestemming in beslag worden genomen brieven of geschriften die voorwerp van het strafbare feit uitmaken of tot het begaan daarvan hebben gediend, nu dergelijke brieven en geschriften geen object zijn van de aan bedoelde personen toekomende bevoegdheid tot verschoning.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/704bbdca713ff97e03725f398c91fa57bb2776325fc9e5f80d7a1ad3a20e598f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 704bbdca713ff97e03725f398c91fa57bb2776325fc9e5f80d7a1ad3a20e598f, en de alinea staat in dat document op bytes 20906 tot 21497.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/704bbdca713ff97e03725f398c91fa57bb2776325fc9e5f80d7a1ad3a20e598f | shasum -a 256