Citaat | Hoge Raad 6 juni 2017
Onder 2.3.2. Hoge Raad 6 juni 2017
Een alinea uit Hoge Raad 6 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1020.
In een geval als het onderhavige kan met betrekking tot de toedracht van de poging tot diefstal wel worden vastgesteld dat deze door "verenigde personen" is begaan, maar kan niet direct worden vastgesteld door wie precies. Indien in een dergelijk geval de verdachte zelf kort na de poging tot diefstal wordt aangetroffen in omstandigheden die op betrokkenheid bij het strafbare feit duiden, kan sprake zijn van een situatie waarin het uitblijven van een aannemelijke verklaring van de verdachte, van belang is voor de beantwoording van de vraag of het tenlastegelegde medeplegen kan worden bewezen (vgl. HR 5 juli 2015, ECLI:NL: HR:2016:1323).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd31cfb293287ade028cadb53d549d2db62e3043cd6640af323b035675a17f0e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd31cfb293287ade028cadb53d549d2db62e3043cd6640af323b035675a17f0e, en de alinea staat in dat document op bytes 22721 tot 23377.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd31cfb293287ade028cadb53d549d2db62e3043cd6640af323b035675a17f0e | shasum -a 256