Citaat | Hoge Raad 9 juni 2017
Onder 2.4.2 Hoge Raad 9 juni 2017
Een alinea uit Hoge Raad 9 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1066.
De ratio van de in art. 44 lid 3 Rv voorziene mogelijkheid voor partijen om hun schriftelijke commentaar op de conclusie van de Advocaat-Generaal aan de Hoge Raad te doen toekomen, is dat partijen gezien het beginsel van hoor en wederhoor op die conclusie moeten kunnen reageren, aangezien die conclusie in de oordeelsvorming van de Hoge Raad wordt betrokken. De reactie op de conclusie moet beknopt zijn. Nieuwe stellingen en producties zijn niet toelaatbaar. Een meer uitvoerige reactie is echter mogelijk ingeval de conclusie daartoe aanleiding geeft. In de reactie is geen plaats voor (voortzetting van het) debat door partijen, ook niet in die vorm dat een partij reageert op een reactie van de wederpartij op de conclusie. (Vgl. o.a. HR 13 juli 2001, ECLI:NL:HR:2001:ZC3673, NJ 2001/513; HR 21 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:675, NJ 2015/305)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1a7cfcfecdf33bce49c94c5a82ebcd5a95f8ff6618f339edf42bc9241a58ba2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1a7cfcfecdf33bce49c94c5a82ebcd5a95f8ff6618f339edf42bc9241a58ba2d, en de alinea staat in dat document op bytes 12249 tot 13120.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1a7cfcfecdf33bce49c94c5a82ebcd5a95f8ff6618f339edf42bc9241a58ba2d | shasum -a 256