Citaat | Hoge Raad 27 januari 2017

Onder 3.3.2 Hoge Raad 27 januari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 27 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:110.

De rechtbank achtte het beschermingsbewind nodig voor een succesvolle voortzetting van de schuldsaneringsregeling, gezien de persoon en de psychische toestand van [verzoekster]. Die toestand maakte dat de op dat moment bestaande tekortkomingen [verzoekster], in de woorden van de rechtbank, “niet geheel toerekenbaar” waren. Onder deze omstandigheden kon het hof niet tot het oordeel komen dat de ten tijde van de beëindiging van de schuldsaneringsregeling ontstane nieuwe schulden en het niet aanvragen van een beschermingsbewind aan [verzoekster] konden worden toegerekend, zonder daarbij in te gaan op het gestelde niet nakomen door de bewindvoerder van haar verplichting om het aanvragen van een beschermingsbewind “nauwgezet te monitoren” en op de gestelde gevolgen van het niet tot stand komen van het beschermingsbewind voor het verdere verloop van de schuldsaneringsregeling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aceb2a89f2b7a91224a2128013ccc69a69986d8e38777ec36e5136770f67ac72. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aceb2a89f2b7a91224a2128013ccc69a69986d8e38777ec36e5136770f67ac72, en de alinea staat in dat document op bytes 17056 tot 17962.