Citaat | Hoge Raad 23 juni 2017
Onder 2.4. Hoge Raad 23 juni 2017
Een alinea uit Hoge Raad 23 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1131.
Het middel bestrijdt ’s Hofs hiervoor in 2.3 weergegeven oordeel. Het middel betoogt daartoe dat het gemiddelde van de betaalde bijdragen irrelevant is voor de beoordeling of per woning sprake is van een huurovereenkomst. Vervolgens betoogt het middel dat een bijdrage van € 57 of minder per maand niet als tegenprestatie in de zin van artikel 7:201 BW kan worden aangemerkt; een dergelijke geringe vergoeding is slechts symbolisch en kan daarom niet een tegenprestatie zijn voor het in gebruik verstrekken van de woningen. Voorts wordt, aldus het middel, eraan voorbijgegaan dat een bij de aanvang van de bewoning vastgestelde bijdrage ongewijzigd blijft tot aan het einde van het gebruik door de desbetreffende bewoonster, terwijl huur jaarlijks wordt geïndexeerd. Ten slotte betoogt het middel dat niet valt in te zien op welke wijze de inkomens- en vermogenspositie van de bewoonsters een rol kan spelen bij de beoordeling van de vraag of er tussen belanghebbende en de bewoonsters huurovereenkomsten bestaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ecfbb6a133be8c749e8ef52bb4ae4e2d2d95713d6930eaf1d2f22dc1641c7ba4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ecfbb6a133be8c749e8ef52bb4ae4e2d2d95713d6930eaf1d2f22dc1641c7ba4, en de alinea staat in dat document op bytes 11009 tot 12042.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ecfbb6a133be8c749e8ef52bb4ae4e2d2d95713d6930eaf1d2f22dc1641c7ba4 | shasum -a 256