Citaat | Hoge Raad 31 januari 2017

Onder 2.2.1. Hoge Raad 31 januari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 31 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:124.

Ik werd krachtig vastgepakt door NN2. Ik zag kans mij iets los te rukken en versneld weg te rennen. Ik werd echter na enkele meters van achteren gepakt (wurggreep bij nek) door NN2 en naar achteren getrokken. Hierdoor viel ik op de grond. Dit tezamen met NN2. Door het krachtig vastpakken door NN2 aan mijn nek, voelde ik pijn aan mijn nek. Doordat NN2 mij naar achteren trok en wij hierdoor op de grond vielen voelde ik pijn aan mijn hele lichaam. Ik was angstig en bang en mijn beide armen werden vastgepakt door NN3. Ik werd vervolgens door NN2 en NN3 meerdere keren krachtig geschopt. Ze schopten tegen mijn hele lichaam. Vervolgens zag ik dat NN2 mijn ketting uit mijn rechterzak wegnam. Vervolgens zag ik dat NN3 mijn G-shock horloge van mijn linkerarm wegnam en mijn mobiele telefoon, iPhone, uit mijn linker broekzak haalde en van mij wegnam. Gedurende deze beroving heeft NN2 het navolgende richting mij geroepen: "Je kent me niet, je kent me gezicht niet". Hiermee bedoelde NN2 dat als ik richting de politie ga, ik problemen ga krijgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10a22dd5b3217686534a254d4a6f9349c711d54c38e06ddb233d5b9496b34887. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10a22dd5b3217686534a254d4a6f9349c711d54c38e06ddb233d5b9496b34887, en de alinea staat in dat document op bytes 10122 tot 11182.