Citaat | Hoge Raad 4 juli 2017

Onder 2.2.1. Hoge Raad 4 juli 2017

Een alinea uit Hoge Raad 4 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1276.

We zijn toen die avond het plan gaan uitvoeren. [medeverdachte] en [betrokkene 4] waren in het huis van mijn ouders. Mijn ouders waren nog steeds op vakantie. Toen ik daar aan kwam was [betrokkene 2] ook in mijn ouders huis. [medeverdachte] , [betrokkene 4] en ik gingen naar [A] . Tegen sluitingstijd kwam [slachtoffer] erbij staan. Hij vond [medeverdachte] leuk en nodigde haar uit om met hem mee te gaan naar zijn woning. Enkele dagen daarvoor waren wij ook al eens met [slachtoffer] meegegaan. Hij wilde [medeverdachte] , maar [medeverdachte] had geen zin om alleen met hem mee te gaan en toen zijn we met z'n allen gegaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08715fb6d1502a2813ef2ab03bb3124ee5634d45fa6f9d872c264739961d8b5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08715fb6d1502a2813ef2ab03bb3124ee5634d45fa6f9d872c264739961d8b5e, en de alinea staat in dat document op bytes 11611 tot 12251.