Citaat | Hoge Raad 4 juli 2017
Onder 3.5.2. Hoge Raad 4 juli 2017
Een alinea uit Hoge Raad 4 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1277.
Art. 16 Richtlijn 2012/29/EU houdt niets in omtrent de rechtsmiddelen die het slachtoffer dat zich als benadeelde partij in het strafgeding heeft gevoegd, kan instellen tegen de beslissing inzake schadevergoeding door de dader. Dit voorschrift betreft dan ook niet een zodanige onvoorwaardelijk en voldoende nauwkeurig geformuleerde bepaling dat de benadeelde partij daaraan het recht kan ontlenen cassatieberoep in te stellen ook indien haar vordering door de appelrechter in het strafgeding niet-ontvankelijk is verklaard dan wel is afgewezen en noch de verdachte noch het openbaar ministerie cassatieberoep heeft ingesteld. Het beroep dat in de schriftuur wordt gedaan op de rechtstreekse werking van art. 16 Richtlijn 2012/29/EU, faalt dan ook.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5dadffa6b9d1e801df8d958e1afa7c7b4b87450fda1be66593fbfc3084cb88ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5dadffa6b9d1e801df8d958e1afa7c7b4b87450fda1be66593fbfc3084cb88ba, en de alinea staat in dat document op bytes 13116 tot 13877.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5dadffa6b9d1e801df8d958e1afa7c7b4b87450fda1be66593fbfc3084cb88ba | shasum -a 256