Citaat | Hoge Raad 3 februari 2017

Onder 3.7 Hoge Raad 3 februari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 3 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:142.

Bovengenoemde feiten en omstandigheden brengen mee dat bij [betrokkene 3] (en daarmee [verweerder]) naar verkeersopvattingen de schijn werd gewekt dat mr. De Wit bij het doen van die verklaringen [verzoeker] ter zake de verkoop vertegenwoordigde, zodat hij daarop mocht vertrouwen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c9868c2e0c8119f2e9b2dba88b789b62840c8d9c197bb9b366f881ea050686c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c9868c2e0c8119f2e9b2dba88b789b62840c8d9c197bb9b366f881ea050686c, en de alinea staat in dat document op bytes 20641 tot 20935.