Citaat | Hoge Raad 7 februari 2017
Onder 2.4. Hoge Raad 7 februari 2017
Een alinea uit Hoge Raad 7 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:167.
Met ingang van 1 januari 2010 is art. 240b Sr verruimd en is in dit artikel - naast onder meer het bezit van, kort gezegd, kinderporno - het zich door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang verschaffen tot kinderporno strafbaar gesteld. Blijkens de hiervoor weergegeven totstandkomingsgeschiedenis is met die wijziging van art. 240b Sr beoogd strafbaarstelling mede toe te snijden op gevallen waarin sprake is van het door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst kunnen beschikken over en kunnen bekijken van kinderporno, zonder dat tevens sprake is van "bezit" als bedoeld in art. 240b Sr omdat het kinderpornografische materiaal niet door de betrokkene wordt opgeslagen. Het enkele bekijken van kinderporno is door de wetgever evenwel niet strafbaar gesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56daa3071c47fb6defc2d1e872623e43022a0660207736d13fd3b4426832f3b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56daa3071c47fb6defc2d1e872623e43022a0660207736d13fd3b4426832f3b5, en de alinea staat in dat document op bytes 25697 tot 26570.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/56daa3071c47fb6defc2d1e872623e43022a0660207736d13fd3b4426832f3b5 | shasum -a 256