Citaat | Hoge Raad 6 januari 2017

Onder 3.3.2 Hoge Raad 6 januari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 6 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:19.

“Aan de voormelde regel ligt de gedachte ten grondslag dat, ook indien de onzekerheid of het geschil is terug te voeren op onzekerheid omtrent de uitleg van een regel van dwingend recht of omtrent het resultaat waartoe een door een zodanige regel beheerste verhouding van partijen in het gegeven geval leidt (bijv. HR 5 april 1991, NJ 1992, 244, en 14 februari 1992, NJ 1992, 245), behoefte bestaat aan de mogelijkheid van een vaststellingsovereenkomst, waardoor een eventuele procedure tussen partijen kan worden voorkomen en waarbij — zolang men op vermogensrechtelijk gebied blijft — op de koop toe moet worden genomen dat, indien naderhand duidelijkheid omtrent die uitleg of dat resultaat wordt verkregen, aldus een geldige overeenkomst bestaat, die niettemin, naar resultaat, met dit dwingende recht strijdt.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ab97bcd5d87c45f326e48ef494ef70909aec57b311385340f0649bcf356b983f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ab97bcd5d87c45f326e48ef494ef70909aec57b311385340f0649bcf356b983f, en de alinea staat in dat document op bytes 29357 tot 30193.