Citaat | Hoge Raad 10 januari 2017
Onder 2.2.2. Hoge Raad 10 januari 2017
Een alinea uit Hoge Raad 10 januari 2017, ECLI:NL:HR:2017:21.
Op 17 februari 2012 kregen we een sms met daarin een bestelling ter waarde van ongeveer € 500,-. Op 20 februari 2012 heb ik deze bestelling ingekocht. Op 21 februari 2012 kreeg ik een smsje dat hij de bloemen niet meer hoefde en dat hij een week dicht was. Ik was in Aalsmeer en besloot langs Franeker te rijden. Van de kapper die tegenover de zaak van [verdachte] zit, hoorde ik dat [verdachte] die ochtend was aangehouden door de politie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d82e11c3ac3fdfb79e94aaa11c38e49f5b03a8955a223ab2a3d753bbd01eb9bf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d82e11c3ac3fdfb79e94aaa11c38e49f5b03a8955a223ab2a3d753bbd01eb9bf, en de alinea staat in dat document op bytes 20079 tot 20534.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d82e11c3ac3fdfb79e94aaa11c38e49f5b03a8955a223ab2a3d753bbd01eb9bf | shasum -a 256