Citaat | Hoge Raad 14 februari 2017

Onder 2.2.3. Hoge Raad 14 februari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 14 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:222.

De verdachte heeft in Roemenië en Turkije zakelijke activiteiten voor [betrokkene 1] en/of (één van) zijn vennootschappen verricht. Weliswaar heeft de verdachte in Roemenië daarnaast als gedeputeerde een Nederlandse handelsdelegatie toegesproken, maar dat is, zonder nader bewijs, onvoldoende om te oordelen dat [betrokkene 1] de retourvliegtickets naar Roemenië en Turkije voor de verdachte heeft betaald met het oog op zijn bediening als gedeputeerde. Met de rechtbank is het hof van oordeel dat de omstandigheid dat [betrokkene 1] met de verdachte als gedeputeerde contact had, onvoldoende is voor het oordeel dat deze giften de verdachte zijn gedaan met betrekking tot zijn bediening van gedeputeerde bij de provincie Noord-Holland.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9d70bab843591fb19ea213317fd5ef24378f9b94cfb82eb6dad570c6abc3621f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9d70bab843591fb19ea213317fd5ef24378f9b94cfb82eb6dad570c6abc3621f, en de alinea staat in dat document op bytes 19621 tot 20375.