Citaat | Hoge Raad 8 september 2017
Onder 3.3.1 Hoge Raad 8 september 2017
Een alinea uit Hoge Raad 8 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2275.
De onderdelen 2.1 en 2.2 klagen dat onjuist, respectievelijk onbegrijpelijk is dat het hof (in rov. 3.11.5) – in het kader van de toepassing van de Richtlijn en de daaraan aangepaste art. 6:231 e.v. BW – art. 1.4 van de algemene bepalingen heeft gesplitst in twee van elkaar te onderscheiden elementen, te weten de in de eerste volzin genoemde forfaitaire boete, en de in de tweede volzin genoemde afdrachtverplichting. Beide elementen streven hetzelfde doel na, te weten preventie door zware sanctionering van de in art. 1.3 van de algemene bepalingen verboden onderverhuur, en mogen in het kader van de toepassing van de Richtlijn dan ook niet afzonderlijk worden beoordeeld, aangezien daarmee wordt afgedaan aan de effectiviteit van de Richtlijn, aldus de klacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79dba2d0ef39d3a86709060fcda8f9455e6ec275bba3e94a2aa28d296fb1f28c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79dba2d0ef39d3a86709060fcda8f9455e6ec275bba3e94a2aa28d296fb1f28c, en de alinea staat in dat document op bytes 14053 tot 14836.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/79dba2d0ef39d3a86709060fcda8f9455e6ec275bba3e94a2aa28d296fb1f28c | shasum -a 256