Citaat | Hoge Raad 8 september 2017

Onder 3.3.2 Hoge Raad 8 september 2017

Een alinea uit Hoge Raad 8 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2275.

“94. Ingevolge artikel 4, lid 1, van richtlijn 93/13 worden voor de beoordeling van het oneerlijke karakter van een beding van een overeenkomst alle omstandigheden rond de sluiting van de overeenkomst op het moment waarop de overeenkomst is gesloten in aanmerking genomen, rekening houdend met de aard van de goederen of diensten waarop de overeenkomst betrekking heeft (zie in die zin beschikking van 16 november 2010, Pohotovosť, C‑76/10, EU:C:2010:685, punt 59, en arrest van 9 juli 2015, Bucura, C‑348/14, EU:C:2015:447, punt 48).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/79dba2d0ef39d3a86709060fcda8f9455e6ec275bba3e94a2aa28d296fb1f28c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 79dba2d0ef39d3a86709060fcda8f9455e6ec275bba3e94a2aa28d296fb1f28c, en de alinea staat in dat document op bytes 15087 tot 15641.