Citaat | Hoge Raad 15 september 2017
Onder 3.2.5 Hoge Raad 15 september 2017
Een alinea uit Hoge Raad 15 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2360.
Het hof heeft bij tussenarrest van 26 april 2011 (hierna: het tussenarrest) beslist dat [eiser] , die ter zake van de door hem gestelde verkoop op 20 juli 2002 door [verweerder] aan [betrokkene 1] / [A] een uitdrukkelijk bewijsaanbod had gedaan, wordt toegelaten tot dat bewijs, dat past in het kader van de bewijsaanbiedingen die ingevolge het verwijzingsarrest van de Hoge Raad aan de orde zijn, meer speciaal die met betrekking tot de wederinkoop. Het hof overwoog dat het bewijs, nu de beslissingen in de procedure [verweerder] / [betrokkene 2] geen gezag van gewijsde hebben in de onderhavige zaak en mede gelet op de gemotiveerde betwisting door [verweerder] , niet zonder meer voortvloeit uit die beslissingen. (rov. 3.6)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/121eb6bd8d3671c430333facfbdafb0300d7f68af2039f066afbc8237143f3b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 121eb6bd8d3671c430333facfbdafb0300d7f68af2039f066afbc8237143f3b5, en de alinea staat in dat document op bytes 17529 tot 18271.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/121eb6bd8d3671c430333facfbdafb0300d7f68af2039f066afbc8237143f3b5 | shasum -a 256