Citaat | Hoge Raad 14 februari 2017
Onder 2.2. Hoge Raad 14 februari 2017
Een alinea uit Hoge Raad 14 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:239.
2) Artikel 7, lid 4, van richtlijn 2008/115 moet in die zin worden uitgelegd dat in het geval van een illegaal op het grondgebied van een lidstaat verblijvende derdelander die wordt verdacht van het plegen van een naar nationaal recht als misdrijf strafbaar gesteld feit of daarvoor strafrechtelijk is veroordeeld, andere gegevens, zoals de aard en de ernst van dat feit, het tijdsverloop sinds dat feit werd gepleegd en de omstandigheid dat die derdelander het grondgebied van die lidstaat aan het verlaten was toen hij door de nationale autoriteiten werd aangehouden, van belang kunnen zijn bij de beoordeling of die derdelander een gevaar voor de openbare orde vormt in de zin van die bepaling. In het kader van die beoordeling is in voorkomend geval tevens elk gegeven relevant dat betrekking heeft op de gegrondheid van de verdenking van het aan de betrokken derdelander verweten misdrijf.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/335b88d4683b34ed079ce806709c2a8a62c2bc9a910fa6bb343024bb553734fa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 335b88d4683b34ed079ce806709c2a8a62c2bc9a910fa6bb343024bb553734fa, en de alinea staat in dat document op bytes 17589 tot 18496.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/335b88d4683b34ed079ce806709c2a8a62c2bc9a910fa6bb343024bb553734fa | shasum -a 256