Citaat | Hoge Raad 22 september 2017

Onder 3.3.2 Hoge Raad 22 september 2017

Een alinea uit Hoge Raad 22 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2447.

Art. 7:928 BW regelt de omvang van de precontractuele mededelingsplicht van de verzekeringnemer en, bij een persoonsverzekering, van degene op wiens risico de verzekering betrekking heeft (de aspirant-verzekerde). Op grond van het in art. 7:928 BW tot uitdrukking gebrachte kenbaarheidsvereiste geldt de mededelingsplicht slechts voor die feiten die de verzekeringnemer of de aspirant-verzekerde kent of behoort te kennen, en waarvan hij weet of behoort te begrijpen dat zij relevant (kunnen) zijn voor de beslissing van de verzekeraar of, en zo ja op welke voorwaarden, hij de verzekering zal willen sluiten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f9ae960acf149302e43b9dea98e2df58401c5b549447a2ecaaedfba700832378. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f9ae960acf149302e43b9dea98e2df58401c5b549447a2ecaaedfba700832378, en de alinea staat in dat document op bytes 17566 tot 18202.