Citaat | Hoge Raad 29 september 2017
Onder 2.5.3. Hoge Raad 29 september 2017
Een alinea uit Hoge Raad 29 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2461.
Bij de beoordeling of in het kader van het uitoefenen van het recht op aftrek aannemelijk is gemaakt dat en in hoeverre de desbetreffende goederen of diensten zijn gebruikt voor belaste handelingen, volstaat dus niet de vaststelling dat zij zijn gebruikt voor de levering van een goed of voor het verrichten van een dienst onder bezwarende titel, maar is tevens van belang dat die levering of die dienst niet van omzetbelasting is vrijgesteld. In een dergelijk geval komt geen betekenis toe aan de bewijsregel, neergelegd in het arrest BNB 2002/141, rechtsoverweging 3.2.2, en het arrest BNB 2014/160, rechtsoverweging 3.3.2, dat bij betalingen tussen ondernemers als regel ervan mag worden uitgegaan dat die betalingen de tegenwaarde voor een prestatie vormen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a2ccd67a23a39ea60926bf1a7072ec3e6930f5b2d60c0595e66e830e9f2c002. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a2ccd67a23a39ea60926bf1a7072ec3e6930f5b2d60c0595e66e830e9f2c002, en de alinea staat in dat document op bytes 16347 tot 17121.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8a2ccd67a23a39ea60926bf1a7072ec3e6930f5b2d60c0595e66e830e9f2c002 | shasum -a 256