Citaat | Hoge Raad 26 september 2017
Onder 2.4.1. Hoge Raad 26 september 2017
Een alinea uit Hoge Raad 26 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2475.
Anders dan bij de berechting van de hoofdzaak, waarin op de grondslag van de tenlastelegging moet worden beraadslaagd en beslist, vormt volgens art. 511e, eerste lid aanhef en onder a, Sv in ontnemingszaken de ontnemingsvordering niet de grondslag waarop de rechter heeft te beslissen, maar slechts de aanleiding voor zijn beslissing over de ontneming. Ingevolge datzelfde voorschrift gaat die beraadslaging in ontnemingszaken over de vraag of de in art. 36e Sr bedoelde maatregel moet worden opgelegd en zo ja, op welk bedrag de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel is te schatten (vgl. HR 25 september 2001, ECLI:NL: HR:2001:ZD2770, NJ 2002/148).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a2dd72457205c0e42663a395348feaffef615b51c0910d9009df928f6a67dd56. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a2dd72457205c0e42663a395348feaffef615b51c0910d9009df928f6a67dd56, en de alinea staat in dat document op bytes 11969 tot 12644.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a2dd72457205c0e42663a395348feaffef615b51c0910d9009df928f6a67dd56 | shasum -a 256