Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2017
Onder 2.5.4. Hoge Raad 6 oktober 2017
Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2549.
Anders dan de klacht betoogt, komt de omstandigheid dat belanghebbende het verlies op de lening niet in aanmerking kan nemen niet in strijd met het gelijkheidsbeginsel. In het hiervoor in 2.4 bedoelde geval van verstrekking van een lening door de ab-houder aan zijn vennootschap en in een geval als het onderhavige, vindt de heffing van inkomstenbelasting ter zake van de lening in het kader van de terbeschikkingstellingsregeling van artikel 3.92, lid 1, aanhef en letter a, Wet IB 2001 op gelijke wijze plaats. Dit geldt ten aanzien van de voordelen uit en de lasten ter zake van die lening, waaronder begrepen de aftrekbaarheid van een waardevermindering van de lening ingeval deze op zakelijke gronden is verstrekt. Is de lening een onzakelijke lening, dan vindt evenzeer een gelijke behandeling van beide gevallen plaats, aangezien een verlies op die lening dan steeds niet ten laste van het resultaat kan worden gebracht. De onzakelijkeleningjurisprudentie brengt derhalve in zoverre geen ongelijke behandeling teweeg.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d1f0abe78054606ae11dfc2248aad2dedf038092412232a1bbebd3c62439b13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d1f0abe78054606ae11dfc2248aad2dedf038092412232a1bbebd3c62439b13, en de alinea staat in dat document op bytes 13456 tot 14493.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d1f0abe78054606ae11dfc2248aad2dedf038092412232a1bbebd3c62439b13 | shasum -a 256