Citaat | Hoge Raad 6 oktober 2017

Onder 2.5.6. Hoge Raad 6 oktober 2017

Een alinea uit Hoge Raad 6 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2549.

Dit verschil in feitelijke omstandigheden – dat, zoals hiervoor overwogen, geen gevolgen heeft voor de heffing van inkomstenbelasting uit hoofde van de terbeschikkingstellingsregeling als zodanig – heeft vervolgens als consequentie dat bij de crediteur die de lening heeft verstrekt om in zijn hoedanigheid van aandeelhouder de belangen van de vennootschap te dienen, belastinggevolgen intreden die samenhangen met die hoedanigheid. Die verstrekking in de hoedanigheid van aandeelhouder valt dan onder de aanmerkelijkbelangregeling die de heffing van inkomstenbelasting ter zake van de financiële aspecten van de vennootschappelijke betrekkingen (de kapitaalsfeer) tussen de ab-houder en de vennootschap regelt. Aangezien in een geval als het onderhavige die vennootschappelijke betrekkingen en de bijbehorende kapitaalsfeer ontbreken en persoonlijke betrekkingen niet leiden tot een bron van inkomen, kan – anders dan bij de ab-houder - het in de terbeschikkingstellingsregeling niet-aftrekbare verlies op een onzakelijke lening bij de verstrekker van die lening ook overigens niet leiden tot gevolgen voor de heffing van inkomstenbelasting. Dit een en ander brengt mee dat sprake is van gevallen die op de beschreven wijze feitelijk en rechtens verschillend zijn, zodat een beroep op het gelijkheidsbeginsel niet kan slagen. De klacht faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d1f0abe78054606ae11dfc2248aad2dedf038092412232a1bbebd3c62439b13. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d1f0abe78054606ae11dfc2248aad2dedf038092412232a1bbebd3c62439b13, en de alinea staat in dat document op bytes 15379 tot 16742.