Citaat | Hoge Raad 10 oktober 2017

Onder 2.3. Hoge Raad 10 oktober 2017

Een alinea uit Hoge Raad 10 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2579.

Een en ander neemt niet weg dat om praktische redenen door (de voorzitter van) het gerecht reeds voorafgaande aan de terechtzitting aan degene die om aanhouding verzoekt kan worden kenbaar gemaakt wat het voorlopig oordeel van het gerecht omtrent het verzoek is. De uiteindelijke beslissing dient evenwel steeds ter terechtzitting te worden genomen en in het proces-verbaal van die terechtzitting te worden vastgelegd. (Vgl. HR 11 oktober 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT5663, NJ 2007/454.)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ee52b72e6fc62fa75aa04bd2ba6ea1dc04282434bcb3cbe371a7796156f2307. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ee52b72e6fc62fa75aa04bd2ba6ea1dc04282434bcb3cbe371a7796156f2307, en de alinea staat in dat document op bytes 9458 tot 9953.