Citaat | Hoge Raad 10 oktober 2017

Onder 2.3. Hoge Raad 10 oktober 2017

Een alinea uit Hoge Raad 10 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2587.

Uit 's Hofs bewijsvoering kan niet zonder meer volgen dat de verdachte "redelijkerwijs moest weten" dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. Anders dan het Hof heeft geoordeeld zijn de hiervoor onder 2.2.2 sub A weergegeven verklaring van de verdachte en de omstandigheid dat het CBR het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs van de verdachte heeft genomen, daartoe niet voldoende, mede in aanmerking genomen dat de bewijsvoering in verband met deze laatstgenoemde omstandigheid niets inhoudt waaruit kan worden afgeleid dat dit besluit aan de verdachte is toegezonden en door hem is ontvangen. Die gevolgtrekking kan daaraan ook niet worden verbonden in samenhang met hetgeen het Hof blijkens de hiervoor weergegeven bewijsvoering voor het overige in aanmerking heeft genomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff173bf2cb81de182c568b3df41d52f24a330db9c2eb9986857a556775befc44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff173bf2cb81de182c568b3df41d52f24a330db9c2eb9986857a556775befc44, en de alinea staat in dat document op bytes 12634 tot 13438.