Citaat | Hoge Raad 17 februari 2017
Onder 3.3.2 Hoge Raad 17 februari 2017
Een alinea uit Hoge Raad 17 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:279.
Het hof heeft in rov. 5 ten aanzien van de vennootschapsbelasting overwogen dat, gelet op het verweer van [eiser] c.s., van Goedvast verwacht had mogen worden dat zij de desbetreffende post zou hebben onderbouwd door het in het geding brengen van bescheiden zoals een betalingsbewijs of verrekeningsbeschikking, en dat bij gebreke daarvan de schuld niet als vaststaand kan worden aangemerkt. Ten aanzien van de omzetbelasting heeft het hof in de bestreden beschikking geen aandacht besteed aan het door [eiser] c.s. gevoerde (gelijksoortige) verweer. Zijn oordeel ter zake van de omzetbelasting is dan ook ontoereikend gemotiveerd. De klacht is dus gegrond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69da3ab589dfec1b84d6d891cf501092a71dda75e025f8c53adcbbfe58c76090. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69da3ab589dfec1b84d6d891cf501092a71dda75e025f8c53adcbbfe58c76090, en de alinea staat in dat document op bytes 10599 tot 11272.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/69da3ab589dfec1b84d6d891cf501092a71dda75e025f8c53adcbbfe58c76090 | shasum -a 256