Citaat | Hoge Raad 24 november 2017
Onder 3.4.4 Hoge Raad 24 november 2017
Een alinea uit Hoge Raad 24 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:2991.
In de surseance worden vorderingen bij de bewindvoerder ingediend ter plaatsing op de lijst met het oog op de stemming over een akkoord. In faillissement echter geschiedt de indiening van vorderingen bij de curator met het oog op vaststelling van die vorderingen en verdeling van de boedel onder de schuldeisers. Met het oog op de verdeling is in art. 128 Fw bepaald dat rente die na de faillietverklaring loopt en niet door pand of hypotheek is gedekt, niet kan worden geverifieerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/11b0b2cd60e571f63eac2ba5964bf598084342674d4cacf798d51b44f38978c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 11b0b2cd60e571f63eac2ba5964bf598084342674d4cacf798d51b44f38978c4, en de alinea staat in dat document op bytes 12916 tot 13412.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/11b0b2cd60e571f63eac2ba5964bf598084342674d4cacf798d51b44f38978c4 | shasum -a 256