Citaat | Hoge Raad 1 december 2017
Onder 2.2.3. Hoge Raad 1 december 2017
Een alinea uit Hoge Raad 1 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3037.
Ten slotte heeft het Hof verworpen het standpunt van de Inspecteur dat belanghebbende geen recht heeft op aftrek van omzetbelasting omdat de prestatie die belanghebbende jegens [A] verricht, moet worden aangemerkt als een van omzetbelasting vrijgestelde dienst, te weten de verhuur van een onroerende zaak in de zin van artikel 11, lid 1, letter b, van de Wet op de omzetbelasting 1968 (hierna: de Wet). Naar het oordeel van het Hof geeft belanghebbende [A], gelet op het arrest van de Hoge Raad van 6 april 2012, nr. 11/01973, ECLI:NL:HR:2012:BW0934, BNB 2012/162, gelegenheid tot sportbeoefening in de zin van post b.3 van de bij de Wet behorende Tabel I in samenhang gelezen met post 14 van Bijlage III bij BTW-richtlijn 2006. Daaraan doet niet af, aldus het Hof, dat leden van [A] het onderhoud van de banen feitelijk voor hun rekening nemen aangezien het belanghebbende is die tot het verrichten van dit onderhoud is gehouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4aec3fdb231042cd3dcbb98c5a9e35111bed52d374a12e3b0766f4c8234253aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4aec3fdb231042cd3dcbb98c5a9e35111bed52d374a12e3b0766f4c8234253aa, en de alinea staat in dat document op bytes 12717 tot 13661.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4aec3fdb231042cd3dcbb98c5a9e35111bed52d374a12e3b0766f4c8234253aa | shasum -a 256