Citaat | Hoge Raad 1 december 2017

Onder 2.4.4. Hoge Raad 1 december 2017

Een alinea uit Hoge Raad 1 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3037.

Bij de beantwoording van de vraag of de dienstverlening van belanghebbende moet worden aangemerkt als het – aan het verlaagde omzetbelastingtarief onderworpen - geven van gelegenheid tot sportbeoefening als bedoeld in post b.3 van de bij de Wet behorende Tabel I, heeft te gelden dat dit begrip moet worden uitgelegd in overeenstemming met het bepaalde in post 14 van Bijlage III bij BTW-richtlijn 2006, op grond waarvan het recht gebruik te maken van sportaccommodaties onder een verlaagd btw-tarief mag worden gebracht (vgl. HR 10 augustus 2007, nr. 43169, ECLI:NL:HR:2007:AZ3758, BNB 2007/277). Laatstgenoemd begrip moet aldus worden uitgelegd dat dit het recht betreft accommodaties te gebruiken die voor sportbeoefening en lichamelijke opvoeding zijn bestemd, alsmede het gebruik daarvan met dat doel voor ogen (vgl. HvJ 10 november 2016, Pavlína Baštová, C-432/15, ECLI:EU:C:2016:855, punt 65).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4aec3fdb231042cd3dcbb98c5a9e35111bed52d374a12e3b0766f4c8234253aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4aec3fdb231042cd3dcbb98c5a9e35111bed52d374a12e3b0766f4c8234253aa, en de alinea staat in dat document op bytes 19380 tot 20298.