Citaat | Hoge Raad 8 december 2017
Onder 2.1.4. Hoge Raad 8 december 2017
Een alinea uit Hoge Raad 8 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3084.
Tussen oktober 2012 en mei 2013 heeft de Ontvanger belanghebbende verschillende acceptgirokaarten toegezonden waarop telkens zonder specificatie een nog openstaand bedrag was vermeld. Ook deze acceptgirokaarten bevatten geen rechtsmiddelverwijzing. Bij brief van 18 februari 2013 heeft de Ontvanger aan belanghebbende een overzicht toegezonden van de verwerking van de door belanghebbende gedane betalingen. Bij brief van 6 maart 2013 heeft belanghebbende laten weten dat de wijze waarop zijn betalingen waren toegerekend naar zijn inzicht meebracht dat er in december 2012 geen sprake meer kon zijn van een restant invorderingsrente, en dat hem teveel invorderingsrente in rekening is gebracht. Bij brief van 24 mei 2013, met opschrift “Aanvraag tot het geven van een beschikking ex. artikel 4:1 Awb” heeft belanghebbende de Ontvanger bericht dat hij € 6730 exclusief ‘vergoedingsrente’ per direct als onverschuldigd betaald terugvorderde.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f3bdb3335c849aa056abebaaba12986c44439d1cf989c26165eb02163a5b6bae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f3bdb3335c849aa056abebaaba12986c44439d1cf989c26165eb02163a5b6bae, en de alinea staat in dat document op bytes 8784 tot 9747.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f3bdb3335c849aa056abebaaba12986c44439d1cf989c26165eb02163a5b6bae | shasum -a 256