Citaat | Hoge Raad 8 december 2017
Onder 3.7.2 Hoge Raad 8 december 2017
Een alinea uit Hoge Raad 8 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3110.
Aldus is in de titel over surseance niet alleen afgeweken van de gewone termijn van drie maanden vanart. 358 lid 2 Rv respectievelijk art. 426 lid 1 Rv, maar ook van de regel van art. 426 lid 2 Rv dat in de gevallen waarin de wet voor het instellen van hoger beroep een kortere termijn dan drie maanden heeft voorgeschreven, de cassatietermijn het dubbele bedraagt van de appeltermijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9fbc4b4989581b2a1556ce91a1b1284c3ef3a9ba6bdca5607dda880880c6cead. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9fbc4b4989581b2a1556ce91a1b1284c3ef3a9ba6bdca5607dda880880c6cead, en de alinea staat in dat document op bytes 20911 tot 21324.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9fbc4b4989581b2a1556ce91a1b1284c3ef3a9ba6bdca5607dda880880c6cead | shasum -a 256