Citaat | Hoge Raad 19 december 2017

Onder 4.11. Hoge Raad 19 december 2017

Een alinea uit Hoge Raad 19 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3189.

Opmerking verdient bovendien dat – anders dan het middel en de Advocaat-Generaal in zijn conclusie sub 6.5 en 12.24 onder verwijzing naar onder meer HR 22 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:953, NJ 2015/60 tot uitgangspunt nemen in verband met een bijzondere motiveringsplicht vanwege, kort gezegd, ingetrokken bekentenissen – de omstandigheid dat de bekennende verklaringen van de vrouwelijke verdachten zijn ingetrokken niet afdoet aan de voorgaande beoordeling van dit middel, in de eerste plaats omdat het in het onderhavige geval niet gaat om een bewijsvoering die naar de kern bezien uitsluitend steunt op één, nadien ingetrokken verklaring maar om een bewijsvoering die onder meer steunt op meerdere belastende verklaringen die door de drie vrouwelijke verdachten zijn afgelegd, en in de tweede plaats omdat het Hof uitvoerig heeft gemotiveerd in hoeverre en op grond waarvan het geloof hecht aan die belastende verklaringen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e0189ba3a6b2876221b34544facbbdfcf4f83161c776d38a4de057c25edf45f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e0189ba3a6b2876221b34544facbbdfcf4f83161c776d38a4de057c25edf45f9, en de alinea staat in dat document op bytes 90037 tot 90981.