Citaat | Hoge Raad 28 februari 2017
Onder 4.2. Hoge Raad 28 februari 2017
Een alinea uit Hoge Raad 28 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:319.
Bij de beoordeling van het middel moet het volgende worden vooropgesteld. Uit het wettelijke vereiste dat de gedraging het "onmiddellijk gevolg" moet zijn van een hevige gemoedsbeweging die is veroorzaakt door een wederrechtelijke aanranding, volgt dat aannemelijk moet zijn dat de aldus veroorzaakte gemoedsbeweging van doorslaggevend belang is geweest voor de verweten gedraging. Niet is uitgesloten dat andere factoren mede hebben bijgedragen aan het ontstaan van die hevige gemoedsbeweging, maar aan het gevolgvereiste is niet voldaan indien de hevige gemoedsbeweging in essentie is terug te voeren op een eerder bestaande emotie, zoals een reeds bestaande kwaadheid jegens het slachtoffer.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f8e007a63e6afae20132b3a8cac18c3524d0769033e8d463fa08afa258928f93. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f8e007a63e6afae20132b3a8cac18c3524d0769033e8d463fa08afa258928f93, en de alinea staat in dat document op bytes 17827 tot 18535.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f8e007a63e6afae20132b3a8cac18c3524d0769033e8d463fa08afa258928f93 | shasum -a 256