Citaat | Hoge Raad 28 februari 2017

Onder 2.4. Hoge Raad 28 februari 2017

Een alinea uit Hoge Raad 28 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:323.

Naar het oordeel van het hof lopen de delictsomschrijvingen van oplichting en verduistering naar hun strekking niet wezenlijk uiteen. Nu bovendien voor wat betreft tijd, plaats van de gedragingen, de medeverdachten en de benadeelden de oplichtingen niet afwijken van de verduisteringen, is naar het oordeel van het hof geen sprake van een ander feit in de zin van artikel 68 van het Wetboek van Strafrecht. Het hof verwijst in dit verband naar het arrest van de Hoge Raad in de Ceteco-zaak (Hoge Raad 26 oktober 2004, LJN:AQ1086).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/45fea91eb1ad6f54533123f54d6261a8aa060c5f6c556cd856378c643393068a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 45fea91eb1ad6f54533123f54d6261a8aa060c5f6c556cd856378c643393068a, en de alinea staat in dat document op bytes 26889 tot 27432.