Citaat | Hoge Raad 22 december 2017

Onder 3.4.2 Hoge Raad 22 december 2017

Een alinea uit Hoge Raad 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3262.

Onderdeel 3.1 klaagt dat het hof (in rov. 78) heeft blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting met betrekking tot de vraag wanneer een deelgenoot ingevolge art. 3:194 lid 2 BW zijn aandeel in een tot een gemeenschap behorend goed verbeurt. Blijkens de wettekst en de wetsgeschiedenis is niet vereist dat de desbetreffende deelgenoot het oogmerk had om rechten van de deelgenoten te verkorten; nodig en voldoende is dat deze deelgenoot een goed opzettelijk verzwijgt, zoek maakt of verborgen houdt, aldus de klacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfbe45fecb4cb1e54625ea7ed04374e9bbe44baa7331379a45b3ea7d00cd82ca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfbe45fecb4cb1e54625ea7ed04374e9bbe44baa7331379a45b3ea7d00cd82ca, en de alinea staat in dat document op bytes 35398 tot 35929.